Blog nummer 4 ”Hoe dieper het dal, hoe hoger de top”

Donderdag 16 april 2015, Lombok, Indonesië

Na het ontbijt van Leila (pannenkoek met banaan) rijdt er om 07:00 een busje voor die ons naar de haven van Padangbai brengt. Als een party boot vertrekken we om half 10 uit de haven en de feestende Aussies en stokbrood etende Fransen verzamelen zich op het dak van de boot. De 620 ml Bintang vloeit al rijkelijk in de ochtend en met de harde muziek dreunt de boot voort. Een groep dolfijnen zwemt met de boot mee en dat zorgt voor wat oeh’s en aah’s op de boot. Het blijven fantastische beesten om te zien. Onze eerste stop is Gili Trawagan. De feestende meute gaat hier eraf, maar wij blijven nog even zitten. Wij zetten voet aan wal op Lombok. Met een taxi rijden we naar ons hotel. We rijden met de taxi langs de kust van Lombok. Vanuit de auto kijken we neer op de uitgestrekte stranden van Lombok. Het is hier veel rustiger dan Bali, de wegen zijn er beter en de stranden zijn wijds met veel palmbomen.

Rond het middaguur vind ik mijzelf terug met een gado gado aan het zwembad van het hotel. Heerlijk. We besluiten om één scooter te huren en zo’n uitgestrekt strand te bezoeken. Zwaar onderverzekerd komen we aan op Malibu beach. Na een lekker frisse duik in onze boxer doen we nog even mee met een potje voetbal. Het ultieme moment van voetballen op het strand is de bal tussen de slippers te schieten en dan al juichend en schreeuwend met Gooooaallllll!!!!!! de zee in te duiken. Mijn hele team (bestaande uit 2 jongens van ik schat 8 tot 10 jaar) doet met mij mee en bij een 3-0 stand is het klaar. De volgende dag gaan we met de scooter toeren over het eiland. Na zo’n 4 uur scooteren liggen we op het strand van het Sheraton. Je weet hoe dat gaat. Even van de voorzieningen van een luxe hotel profiteren. Van wie ik dat geleerd heb? Dat weet diegene wel;). Die avond besluiten we om een 3 daagse trip te gaan maken naar de top van de Rinjani vulkaan. Met een top van 3726 meter. Het enige wat wij weten is dat we 2 nachten op de berg zullen overnachten en dat alles wordt verzorgd. Wij hoeven alleen maar onze belangrijkste spullen mee te nemen. Een tas gevuld met een lange broek, 3 tshirts, 3 boxers, vestje die niet dicht kan, een poncho en camera.

De volgende ochtend komt het met bakken uit de hemel. Als je op de eerste dag al helemaal nat geregend bent dan begin je niet fijn aan zo’n tocht. We worden afgezet bij het meeting point waar je in groepen wordt verdeeld. Wij kijken om ons heen en zien mensen met Northface vesten, regenjassen, bergschoenen, stokken en nog veel meer overlevingsmaterialen. Zij kijken ook naar ons en vragen ons of dat kleine rugzakje het enige is wat wij meenemen. Ik kijk naar mijn uitpuilende tas en antwoord al twijfelend “ja, ik heb niet meer dan dit”. Totaal onvoorbereid en zonder te weten wat ons nu precies te wachten staat maken wij ons op voor de tocht naar de top. Elke groep krijgt een leider toegewezen en een vijftal porters. De porters zijn de mensen die je tent, slaapzak, matras en eten voor je meenemen. Deze jongens dragen door middel van een bamboestok en twee manden alle benodigdheden met zich mee. Zij beklimmen de berg op slippers. Ik heb wel respect voor deze jongens. De selectie bestaat tot dan toe uit een Engelsman, een Duitser, een Française en 2 Nederlanders. Onze teamleider genaamd Guus moest ons gaan brengen naar de top. Guus werkte in het weekend als gids op de Rinjani en ging doordeweeks naar school. Best een pittig bijbaantje. In de maanden november tot en met maart is het niet mogelijk om de Rinjani te beklimmen. De overheid vindt het te gevaarlijk als mensen in die maanden de berg beklimmen. De beklimming heeft namelijk al eens wat levens gekost. Dit wisten wij pas achteraf en achteraf begrijp ik maar al te goed waarom de overheid het verbied om in de wintermaanden te klimmen. Dit geheel ter zijde. Terug naar Guus, Guus was een jongeman van tussen de 20 en de 25. Zijn leeftijd verschilde soms… om 09:30 beginnen we dan aan onze klim.

Het is inmiddels gestopt met regenen.
We starten op 600 meter en moeten deze eerste dag klimmen tot 2600 meter. De klim is verdeeld in een 3 posten. Een post betekent rust en koekjes en soms een lunch, die dan werd verzorgt door onze materiaalmannen (porters) die vooruit liepen. Na een uur lopen pakken we ons eerste rustmoment. Even een slok water en een koekje van Guus. Na zo’n 5 minuten rust is iedereen weer op adem gekomen van de tot dan toe een steil bospaadje. Ik kijk achterom en zie Guus totaal uitgeput en helemaal nat van het zweet liggen onder een afdakje. De leider had het zwaar. We tuigen hem op en vervolgen onze weg naar post 1 waar alle groepen lunchen. De lunch bestaat uit noedelsoep met verse groenten en een banaan. Prima lunch. We bekijken de andere groepen en mijn oog valt op een vrij forse dame uit Polen. Ze doet mij herinnerde aan de schooldirectrice uit de film “matilda” mevrouw Bulstronk. Ze weet alle aandacht op zich te vestigen door luidruchtig op zoek te gaan naar eten om vervolgens tussen de bosjes haar behoefte te doen. Met haar in je groep weet je zeker dat je niet mee gaat doen voor het klassement. Na de lunch lopen we weer verder omhoog. Het gebied is nog altijd bosachtig/ jungle en de beklimming is goed te doen. Om ons heen horen we veel geluiden en als we omhoog kijken zien we allemaal apen in de bomen achter elkaar aanduiken. De Fransoos blijkt een ware bergbeklimmer te zijn en die moeten we laten gaan. Samen met de Engelsman genaamd “Jay” en de German engine “Anja” vormen wij een groep van 4 waarmee we post 2 bereiken. Teamleider Guus en dus de koekjes laat te lang op zich wachten en we besluiten na een pauze van 20 minuten door te gaan. Op het moment van vertrek komt onze Poolse kogelstoter ook aan op post 2. Alle apen die zich in de tussentijd hadden verzameld om ons heen schieten weer de bomen in. Guus had ons verteld te wachten bij post 3.

De klim naar post 3 is erg zwaar en moeilijk begaanbaar. Veel rotspartijen, los zand en vele hoogteverschillen maken dat je moet klauteren en ploeteren om omhoog te komen. Samen met mijn “sepupu” damereren wij weg van Jay en Anja. Om vervolgens bij post 3 moeten te moeten wachten. Er voegen in die tussentijd nog 4 mensen toe aan onze groep. Een roodharige Canadees genaamd Ashley die naar mijn idee vroeger in bak met enthousiasme is gevallen want die vindt alles prachtig en perfect en met haar hoge stemmetje wil ik snel bij haar vandaan. Verder maken een Duitse meid genaamd Isabella, een Nederlander “Lucas” en kaas fonduende Zwisterse “Vinny” de groep compleet, maar nog steeds geen Guus. Ik zeg tegen Luca. “Wie wat bewaart die heeft nog wat” en ik open een zak cassave chips. Omstreeks 17:00 een uur voor dat de zon onder gaat steekt Guus zijn kop boven alle gesteente uit. Wij hebben daar 1 uur en 30 minuten op hem gewacht. Het laatste stuk schiet ik als een berggeit omhoog en we komen aan op een plek waar onze tenten al staan en we de zonsondergang bekijken met de gehele groep. Als ik zo het tentje bekijk mag ik hopen dat onze Poolse een tentje voor zichzelf. Haar aankomst wordt de gehele groep luid toegejuicht. Toch wel een beetje respect voor haar want de klim is niet eenvoudig. Dit vertel ik ook aan Anja en zeg erbij dat ze op de Olympische spelen van Peking een zilveren medaille had behaald op het onderdeel kogelstoten. Ze gelooft mij, sommige grappen worden niet begrepen… Met een hoogte van 2600 meter kijken zitten we boven de wolken uir en dat geeft werkelijk een schitterend beeld. Als ik iets verder loop maakt het uitzicht het afzien van de klim weer goed. Ik kijk als het ware in de krater van de Rinjani. De Rinjani heeft in zijn krater een meer liggen. Dit meer is overigens ijskoud. Als we de maaltijd met hete thee krijgen voorgeschoteld is het pikken donker. Na de maaltijd gaat iedereen de tenten in en lig ik met neef L in een tentje. Het is dan rond 19:00 uur. We zijn moe van de klim omhoog.

De nacht is vreselijk. Koud met vele lichtflitsen van onweer en gedonder maar de regen blijft ons bespaard. Iets na zonsopgang krijgen we wederom een pannenkoek met banaan voorgeschoteld. Ik eet op deze trip graag bananen. Voor de energie en het maakt dat je minder snel een grote behoefte moet doen. Ik zie mijzelf namelijk niet op mijn hurken zitten tussen het helmgras en een rol wc papier onder mijn schouder. Dag 2 is de rustigste dag. We dalen af naar het meer in de krater. Guus blijkt een uitstekende daler en ik heb moeite om hem te volgen. Mijn neef vergelijkt zichzelf met Cadel Evans. berg op uitstekend, dalend iets minder. Het meer zorgt voor verkoeling en helpt ons er weer boven op. We vervolgens onze weg naar de lunchplek. Terwijl de materiaalmannen de lunch voorbereiden duikt de gehele groep in een hotspring. Wanneer ik al een half uur in de Hot spring lig hoor achter mij een luid gebrul. De Poolse strijder heeft ook de weg naar de hotspring gevonden en met een bommetje, zeg gerust bom, plonst zij in het water. Als een soort van Noord Indonesische Pelsrob ligt ze in de hotspring. Tijd om te lunchen.

De hotspring was heerlijk maar de warmte en de volle maag van de lunch maakt ons moe. We werpen ons op voor de laatste klim van dag. De groep valt al snel uiteen. Je pakt je eigen tempo. Luca en ik hebben een goed tempo te pakken en besluiten door te pakken. Het terrein is inmiddels alleen maar steen geworden en als ik omhoog kijk besef ik dat we eigenlijk recht omhoog aan het klimmen zijn, zooo steil!!! Inmiddels is het ook zachtjes gaan regenen en is concentratie geboden. Door ons hoge tempo komen we steeds dichterbij de koplopers. De koplopers, die iets beter voorbereid zijn dan wij, zijn Fransen en schijnen wat ervaring te hebben met hiking. De twee gezonde Hollandse boys doen dit op hun voetbal conditie en een portie doorzettingsvermogen. Gewapend in korte joggingbroek, tshirt, sneakers en een poncho bereiken we zwetend de top! We pakken wat bergpunten en doen goed mee voor het algemeen klassement. Doordat we in onze hoge tempo zo wat iedereen voorbij zijn gelopen is er bij het basiskamp niks voor ons. We mogen gelukkig schuilen bij een groep indonesische mannen. Als na anderhalf uur wachten Guus ook de top heeft bereikt hebben de materiaalmannen de tenten ook al klaar staan en kunnen we ons richten op een groene curry met rijst. We zitten inmiddels zo hoog dat we de zon door de wolken zien zakken. Als het donker is gaan we proberen te slapen. Echt lekker liggen doen we niet. Ik ben dan ook blij als we om 02:30 in de nacht we worden gewekt om de top te gaan bereiken. Omdat we een vrij snelle groep hebben, op Guus na dan, vertrekken wij wat later dan de rest. Als ik de berg omhoog kijk zie ik allemaal lichtjes omhoog klimmen. Vanaf ons basiskamp lijkt te top best wel dichtbij en ik schat in dat wij vrij snel de top zullen bereiken. Het eerste stuk is steil omhoog en met veel klauteren. De donkerte maakt het er niet gemakkelijker op, maar we passeren al snel veel mensen en dat is goed voor de teamspirit. De 3 Nederlanders vormen een groep en deze berggeit bepaald voor een lange tijd het tempo. We komen na ongeveer een klim van anderhalf uur aan op het moeilijkste stuk van de klim. Het is een pad van kleine lavegesteente op de rand van de krater. Aan beide kanten van het pad gaat het zo steil naar beneden dat als mocht je vallen het niet zou overleven. 2 stappen vooruit is 1 stap achteruit. Het vergt veel kracht van ons. Als ik na de zoveelste keer weer weg glij in het gesteente blijf ik gestrekt op het pad liggen. Ik kan niet meer. Het is een uitputtingsslag aan het worden. Ik zie enkele lichtjes weer dichterbij komen en staat toch maar weer op! We komen op een punt dat we 10 stappen maken en 1 minuut rust pakken. Het is nog steeds donker. Als we dan eindelijk na 2 uur en 40 minuten de top bereiken zijn we alle drie zo gesloopt dat we ineen zakken tegen een rots. Het is nog steeds donker. Op de top is het koud en winderig. Ik sta nog in mijn vestje waarvan de rits niet dicht kan. Mijn rug is bezweet ik krijg het koud. We zijn moe en hongerig maar het uitzicht is adembenemend. We kijken aan de ene kant de krater met het meer en aan de andere kant zie je de zee en alle eilanden in de omgeving. Als na 25 minuten ook andere van de groep de top bereiken ben ik inmiddels bijna bevroren. We wachten met ze alle nog op Guus en als ook hij de top heeft bereikt dan maken we een groepsfoto.

De klim zal ik nooit meer vergeten, je komt jezelf echt een paar keer tegen maar met het doorzettigsvermogen zit het wel goed. Daarna is het tijd om de daling in te zetten. Ik krijg weer gevoel in mijn handen en eenmaal weer terug in ons basiskamp krijgen we ons ontbijt (pannenkoek met banaan). Vrij snel daarna dalen we tot 1100 meter. Het laatste stuk van de daling begint het keihard te regenen. Zie het als een toetje. Rond 15:00 zijn we weet beneden. Moe, nat geregend en hongerig staan we te wachten op een busje die ons naar de haven brengt. Want na inspanning is er tijd voor ontspanning. We bedanken Guus voor zijn bewezen diensten en de koekjes en stappen op de boot naar Gili Trawagan.
De Poolse kogelstoter heeft ondanks haar goede humeur en  doorzettingsvermogen nooit de top bereikt. Spijtig. De Rinjani heeft een diepe indruk op ons achter gelaten. Het was een loodzware trip maar het was het allemaal waard.

Op Gili Trawagan hebben voor 5 nachten een guesthouse geboekt. Een leuke plek om te verblijven met een douche en wc in de open lucht. De stroom valt hier nog wel is uit en dat zorgt voor wat gevloek van “sepupu”.
Zeker wanneer op het moment van kennisgeving dat hij per 1 juni gaat verhuizen. Hij gaat namelijk samenwonen mijn zijn tweede bedpartner Lisa. Goed en leuk nieuws voor Lisa en Luca. Het zal na deze reis anders gaan worden voor mij in Nederland, maar daar was ik al zeker van!

Dat van het uitvallen van de stroom daar ben je na 4 dagen ook wel weer aan gewend. De afgelopen dagen hebben we gas terug genomen. Momenteel lig ik op het strand van Gili Trawagan en ben ik net terug van een snorkeltrip langs de verschillende Gili eilanden. Gili Trawagan is relax met veel mensen van onze leeftijd. Eten doen we op de nightmarket die druk maar gezellig is. We sluiten elke avond af met een biertje in de Sama Sama waar een slechte local coverband de sfeer probeert te verhogen speelt.

Zaterdag zullen we Gili Trawagan verlaten en gaan we terug naar Bali. Zaterdagavond zal dan in het teken staan van een party in Kuta. Daar later meer over!!! Genoeg voor nu. Ik ga een Bintang kopen en nog een frisse duik nemen!!

Tot volgende week!!!


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s