Blog 5 – ‘The beauty of Palawan’ – Coron, El Nido en Port Barton

Het vliegtuig van Skyjet zet ons af op Busuanga Airport, Coron. Coron ligt in het Noorden van Palawan. Palawan is het langerekte eiland aan de oostkant van de Filipijnen. Het is een klein vliegveld en een bagageband is er niet. Je geeft je nummertje aan één van de drie mannen die bij de koffers staan en zij zoeken jouw koffer op. We hebben een accomodatie op 36 km afstand van Coron town. Op dat moment hebben we nog geen idee hoe we bij het hostel terecht gaan komen, maar de redding is nabij als ik een bordje zie met onze accomodatie en een Deense naam eronder. Er zijn dus meerdere gasten voor dezelfde accommodatie. Het zijn twee Deense meiden. Eén van de meiden heeft zulke grote bovenarmen dat als we zouden armpje drukken, ik al bij het aanspannen van haar byceps onder de tafel zou liggen. Het busje brengt ons naar Busuanga Backpackers. De eigenaar Luke heet ons welkom. Echt een Engelse backpacker die heeft gekozen voor het Filipijnse leven én het vrouwtjuh. Hij weet wat de backpacker wil en bedient iedereen op maat met vers eten, drankjes en tours. Een Engelse stel voegt zich tijdens het buffet aan het gezelschap toe en we besluiten op het advies van Luke de volgende dag met ze zessen een tour te boeken. Met een volle maag en een fles Jungle Jus duiken we ons kleine hutje.

De volgende ochtend. Na ‘Luke awesome eggs’ lopen we met z’n  zessen naar beneden waar een boot ligt te wachten. Op het laatste moment besluit een Canadees stel om ook mee te gaan. De jongen genaamd Casey stuitert de boot in. Hij heeft zoveel energie in zich dat hij in zijn eentje voor 24 uur stroom kan zorgen aan de stad Coron. De tour neemt ons mee naar Japanse scheepswrakken op 5 meter diepte, een koraaltuin en een prachtig eiland voor lunch en een slaapje in de hangmat. Als het anker over boord gaat bij het Japanse scheepswrak is Casey al drie keer rond het scheepswrak gezwommen als ik nog mijn snorkel om moet doen. Het wrak is gaaf om te zien en omdat het niet zo diep ligt uitstekend te bezoeken voor snorkelaars. Het koraal is heel mooi hier, zoveel verchillende kleuren en vissen. Aan Filipinos wordt wel geleerd om voorzichtig met de natuur om te gaan en waarschuwen toeristen om niks aan koraal mee te nemen en niets aan te raken. De lunch is op een onbewoond Island waar we tot een uur of vier uitrusten. Behalve Casey dan, die besluit om met een gehele duikuitrusting om het Island heen te duiken. Als we terug zijn drinken we met Luke en de rest een biertje en maken we plannen voor de volgende dag. Een must see is Coron Island. Het eiland voor de kust van Coron herbergt dé plekken waarom je naar Coron toe komt. Overdag gaan er veel boten naar toe en kan het goed toeristisch zijn. Luke adviseert ons om met ze zessen een tour op eigen houtje te organiseren. Het is goedkoper,  je hebt invloed op de route en eten. Zo gezegd, zo gedaan.

De volgende ochtend stappen we in de Jeepney op weg Coron stad. Eenmaal daar struinen we de lokale markt af op zoek naar eten en drinken. We kopen vis (tonijn en White snapper), een kilo rijst, soya saus, watermeloen en koude biertjes. In de haven staan drie mannen op ons te wachten. Een gids, genaamd Monkey. El Capitan uitgerust met snor, en zijn hulpje. Ze brengen ons naar een prachtig koraal. Na 30 minuten snorkelen varen we door naar Coron Island. En wat Luke zei is waar. Wanneer wij via een trap omhoog lopen, loop de rest van de georganiseerde tours naar beneden. We hebben een uitzicht zoals de eerste afbeelding. Als we aan de andere kant naar beneden lopen komen we in de zoetwater Lagoon. Prachtig en doodstil. Je kan er heerlijk zwemmen.
Wat een geweldige plek. Als we na een half uur stemmen horen van boven is het tijd op verder te gaan. El Capitan heeft ondertussen met zijn hulpje de vis bereid op de barbecue aan boord, en we smullen op een klein strandje. Het is een topdag! Als we rond 17:00 weer terug in de haven zijn pakken we de laatste jeepney richting ons hostel. Die avond doen we weer mee met het buffet. Alle backpackers hebben zich verzameld bovenop de heuvel voor het buffet. Je maakt de ‘verplichte’ praatjes Hi there, How are you? Where you from? How long do stay in Coron blahblahblah..

eigenlijk heb ik er geen zin in.. we eten wat en daarna zoeken we een plek op om naar de sterren te kijken, want hoe je de sterrenhemel hier ziet is ongekend. Als het 21:00 gaan we naar bed. 21:00 wordt ook wel Island Midnight genoemd. De dagen beginnen hier als de zon opkomt en ik kan er wel aan wennen. We slapen nog één nacht in Coron. Overdag laten we ons door een Trycyle afzetten bij een klein strandje. Trycycle, zijn brommers of eigenlijk motors (zoals een zundapp) met een zijspan. Een goedkope manier om je voor kleine afstanden te verplaatsen. Je betaalt voor een ritje binnen 2km, 10 pesos per persoon. Omgerekend is dat 20 eurocent. Het is voor de Filipinos een sport om zoveel mogelijk mensen op één trycycle te krijgen. “One more?” is dan ook nooit een probleem.

El Nido
We hebben tickets gekocht voor een snelle boot naar El Nido. Deze stad ligt op 4 uurtjes varen van Coron. De stad had tot voor kort geen ATM machine, maar door de toeristenstroom hebben ze er toch maar één neergezet. Stroom is hier ook niet de hele dag beschikbaar. Als we aankomen hebben we nog geen accomodatie geboekt. Via Booking.com was alles uitverkocht. We vinden wel wat… en dat klopt ook! Plek zat! Filipinos zetten niet al hun kamers op website ivm de fee die ze moeten afdragen dus je kan maar beter gewoon gaan. Op een bordje bij een souvernirsshop en boekingskantoor staat ‘rooms available’ een romantische kamer voor twee. We eindigen in een stapelbed. Filipinos bedoelen met romantisch dus iets anders..

De meeste mensen op de Filipijnen spreken gewoon goed Engels en dat is een verademing na ons bezoek aan China. Even wat anders dan dat we gewend zijn. Daarnaast is de Filipino erg beleefd naar je. Ze spreken je aan met twee woorden als Yes Madam and Yes Sir. Het is een beleefdheidsvorm dat afstamt van de Filipijnse taal. Salamat betekent Dankjewel en Salamat Po betekent Dank U wel. Po is dus de beleefdheidsvorm en in het Engels heb je dat niet dus wordt het Sir en Mum. In het begin leuk en aardig maar na een tijdje wordt het vervelend.

We huren voor 500 pesos een scooter en trekken langs wat stranden. Zo stuiten we op een klein dorpje Nacpan. Nacpan beach is een geweldig groot strand met ontelbare palmbomen het naast gelegen Twin beach is kleiner en rustiger, qua zee maar ook qua mensen. We vinden voor 500 pesos (9 euro) per nacht een accomodatie en besluiten de volgende dag er naar toe te verhuizen. We bedingen een trycycle naar Nacpan, de bestuurder is een jongen van 19 jaar en woont in Nacpan, een thuiswedstrijd voor hem dus. Hij nodigt ons uit om bij hem thuis te komen kijken. Ze bieden bananen milkshake aan en kunnen die niet afslaan. De jongen laat met trots zijn haan zien. Met de haan gaat hij naar hanengevechten toe. Blijkbaar doet de haan het goed want hij leeft nog.

De Zweedse eigenaar vertelt ons wat over Nacpan. Zijn ontblote bovenlijf is erg ontsmakelijk. Het haar krult van de bilnaat over de rug naar de schouders rechtstreeks naar de schaamstreek. Het is een soort berenvacht van de Ikea meegenomen naar de Filipijnen. We relaxen en kijken naar de zonsondergang. Relax sfeertje tot dusver. De avond valt. Na een pasta bij Big Mama’s keren we naar onze Ikea hut. De beer heeft inmiddels zijn karaoke set aangesloten en heeft vrienden gemaakt met een Fin en een Australian boy. Het bier vloeit rijkelijk en de zangkwaliteit gaat achteruit. Wij beseffen dat dit gelal nog wel door gaat en besluiten, zonder alcohol, aan te sluiten. Het Utrechtse Nagtegaaltje neemt de microfoon over en alle Filipinos slaan achterover, de Fin blijft, zoals die al was, ijzig koud, Aussieboy vindt het f*cking aiwssssome en alle haren van de Zweedse gehaktbal staan overeind. Na een paar songs gaan we naar bed. Oordoppen in and go. De Ikea hutjes zijn vrij gehorig. Er stommelen meerdere mensen door het smalle gangetje. Er wordt op onze deur geklopt maar wij doen niet open (de deur zit op slot) . Als dan plots de deur open wordt gedaan staat daar de eigenaar. Dat is raar. Je doet toch niet zomaar de deur van je gasten open?!.

Als een kwartier later de deur wederom wordt open gedaan, steekt daar de dronken kop van de Aussie boy door de deur. Oh nee niet de juiste kamer. Blijkbaar heeft die een sleutel van alle kamers bemachtigd. De Spaanse buren gaan goed uit de plaat en zeggen dat hij maar op het strand moet slapen.  Duidelijk lijkt mij. Als dan om kwart voor drie Aussie boy met de vrouw van de eigenaar voor een derde keer de kamer opent zijn we het zat. De vrouw zegt dat Aussie boy zijn kamer niet meer kan vinden… Als eigenaar zou je moeten weten waar je gasten zitten om ze de weg te wijzen. Goed. Onze nachtrust is dus goed verstoord. De volgende ochtend ga ik hardlopen op Nacpan beach en zet alles nog eens op een rij van afgelopen nacht.

Als ik terug kom is de Spaanse bom al gebarsten en die zijn vertrokken. De eigenaar biedt geen excuses aan en we proberen het bij de vrouw van de eigenaar. Ik wijs haar op het feit dat zij moet weten waar haar gasten slapen en niet zomaar deuren kan openen. Ze beaamt en dan zegt ze dat Aussie boy niet eens een gast van hun hotel… dan begrijp ik het helemaal niet meer. Wij pakken ook onze spullen en we betalen geen cent. De buren bieden een betere accomodatie voor iets meer.

Hier verblijven we één nacht en keren daarna terug maar El Nido. We nemen de local bus, genaamd Jeepney. Een goedkope en leuke manier van reizen waarbij je tussen de locals zit. Kosten zijn maximaal een euro. We huren nogmaals een scooter en scheuren naar wat verder gelegen stranden. Onderweg worden we door schoolkinderen begroet, maken we praatjes met de locals en stimuleren we de lokale economie.
De volgende en laatste dag in El Nido doen we datgene waarvoor we gekomen zijn. Een tour naar verschillende Lagoons.

Omdat we nu dus kiezen voor de reguliere tour is het druk. Onze boot biedt plaats voor 15 passagiers. Waaronder een paar Chinezen die een beetje Engels kunnen spreken. Altijd lachen. Ik heb ze liever in mijn gezelschap dan een paar dikke Duisters.. Eerste stop is Small lagoon, we proppen ons met een Chinees en Franstalige Zwitser in een kayak.

De Franstalige Zwitser kan ik het best omschrijven als toerist in optima forma. Van onder naar boven: De iets wat te dikke, kleine voeten zitten gehuld in sandalen met klitteband, gevolgd door harige papbeentjes, het buikje valt over de Hawaii zwembroek,  gevolgd door een roze shirt. Het kindermaatje zwemvest maakt het niet charmanter. Uiteraard een zonnebril met sportieve uitstraling en een hoofddeksel om het kal hoofd te beschermen tegen de zon. Hij is onze kapitein op de kayak. Het lukt hem echter niet op de kayak door het gat van de rotsen naar de lagoon te varen. We schieten van links naar rechts, varen 3 keer over snorkelaars heen en ik besluit om in te grijpen. Verder stoppen we nog bij Big Lagoon en Secret Lagoon. Prachtige plekken, maar door de drukte gaat voor mij de schoonheid ervan af. De terugtocht is wild en koud.

De volgende dag gaan we met een busje naar Port Barton, een dorpje met twee straten, maar het schijnt een mooie ongerepte plek te zijn. Het weer laat ons voor het eerst op de Filipijnen in de steek. Tot overmaat van ramp eet ik iets verkeerds en ben ik een dag goed ziek. De volgende dag zetten koers naar Puerto Princessa,  hoofdstad van Palawan. Daarna hebben we een vlucht naar Tagbilaran op het eiland Bohol.

Tot de volgende blog


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s